‘Laat mensen met lichte psychische klachten zelf hun behandeling betalen’

Jongeren die massaal lijden onder stress, lange wachtlijsten voor behandelingen, kosten die de pan uitrijzen. Als je afgaat op de cijfers in de geestelijke gezondheidszorg zou je niet denken dat we in een van de welvarendste landen in de wereld leven. Volgens psychiater en hoogleraar Damiaan Denys ligt de oorzaak deels bij onszelf.  Stan van Pelt sprak met hem voor voxweb.nl , het onafhankelijke magazine van de Radboud Universiteit. 

Psychiater Damiaan Denys is niet bang om de knuppel in het hoenderhok van de geestelijke gezondheidszorg te gooien. Het is prima, zegt hij, als mensen naar een psychotherapeut stappen als ze last hebben van een burn-out, neerslachtigheid, of andere lichte psychische klachten. Maar laat ze die behandeling gewoon zelf betalen. ‘Die keuze is aan hen. Ze kunnen ook een fiets kopen, gaan wandelen, of een groep gelijkgestemden opzoeken.’

Daarmee wil hij deze mentale klachten niet ontkennen, benadrukt hij. Maar dat dit soort therapieën vaak (deels) vergoed worden, is volgens Denys een van de redenen waarom het huidige stelsel van de geestelijke gezondheidszorg (GGZ) onhoudbaar is geworden. ‘Het bedrag dat we uitgeven aan psychische zorg is de afgelopen tien, vijftien jaar verdubbeld. Toch staan er tienduizenden mensen op wachtlijsten en gaat er geen dag voorbij dat er in de media geklaagd wordt over de GGZ. Hoe kán dat?’

In ; Het tekort van het teveel’ (Nijgh & Van Ditmar, 2020) tracht de van oorsprong Vlaamse Denys (1965) deze zelfbenoemde ‘paradox van de mentale zorg’, te ontleden. De analyse in het boek is gebaseerd op zijn ervaringen in de Nederlandse GGZ. Sinds 2005 is hij afdelingshoofd van het Psychiatrisch Centrum van het AMC Amsterdam, en van 2016 tot 2019 was hij voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie. Tijdens het interview op zijn werkkamer in het AMC spreekt de hoogleraar gedecideerd en recht voor zijn raap, maar zit hij er tegelijkertijd ontspannen en rustig bij. Af en toe klinkt oprechte frustratie door in zijn verhaal, wanneer hij zijn stem verheft.

De problemen in de geestelijke gezondheidszorg moet je zien als een driekoppig monster, vertelt hij. Een simpele, eenvoudige manier om die te verslaan – die politici en zorgbestuurders het liefst zien – is er helaas niet. Ja, het afschaffen van vergoedingen voor behandeling van lichte klachten is een van de dingen die moet gebeuren, maar voor een duurzame oplossing is het nodig om je pijlen te richten op alle drie hoofden van het monster tegelijk.

Wat zijn die drie koppen?

‘Dat is allereerst de marktwerking in de geestelijke gezondheidszorg. Maar de oorzaak ligt ook in de manier waarop wij als psychiaters zorg verlenen, door de indruk te wekken dat we iemands problemen kunnen oplossen. En ten slotte ligt het probleem ook bij de burger. Doordat die haar mentale ongemakken steeds meer cultiveert neemt de zorgvraag alleen maar toe. Al deze drie elementen zijn met elkaar verweven.’

De zorgvraag neemt toe?

‘Ja, die is oeverloos geworden. We zijn wereldwijd bijna koploper wat betreft het aantal psychologen en psychiaters, en nog is het niet voldoende om aan de vraag te voldoen. Dat is op het eerste oog raar, want het aantal mensen met schizofrenie, dwangstoornissen of andere ernstige stoornissen is al decennia behoorlijk constant.’

‘De toename zit vooral in de groep met lichte psychische klachten. Mensen zeggen steeds makkelijker dat ze stress hebben, of een burn-out. Dat komt volgens mij doordat beleving en gevoel steeds meer voorop staan in de maatschappij. Kijk naar de media: die stellen de feiten niet meer centraal, maar hoe mensen iets ervaren. We willen weten hoe het vóelt als je vlakbij de Bataclan was toen die aanslag gepleegd werd. Het lijden wordt gecultiveerd.’

Bron: Voxweb.nl

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.