Toegang tot zorg is een grondrecht

Opnieuw haalde Charlotte Bouman de pers. Helaas, publiciteit is niet haar doel. Ze wil gewoon toegang tot zorg. Niet alleen voor zichzelf, maar voor alle ernstig psychisch zieke mensen die niet de zorg krijgen die ze nodig hebben, aldus Bert van der Hoek, voorzitter van de Raad van Bestuur van het  Trimbos-instituut. Hij zond een brief in.

“Dat raakt me zeer. In een welvarend land als Nederland zou toegang tot zorg vanzelfsprekend moeten zijn. Vooral bij psychische aandoeningen die het leven enorm kunnen ontwrichten. Deze aandoeningen die vaak in de vroege adolescentie ontstaan, zijn een groot risico op een ‘kansarm leven’. Terwijl er met goede zorg heel veel aan te doen is.”

“Het raakt me bovenal omdat het onnodig is. De meeste betrokken partijen, zoals patiëntorganisaties, professionals, instellingen en zorgverzekeraars, zien wel degelijk de noodzaak en ook de mogelijkheden om het anders te doen. Maar het huidige systeem zit vast en bestaande partijen zijn niet goed in staat hier uit te komen. Hoe komt dat?”

Wat zien we in de ggz?

“We zien dat de zorgvraag alsmaar toeneemt. De huidige coronacrisis en vooral de sociaaleconomische consequenties ervan, kan die vraag enorm versterken. Maar is dat onvermijdelijk? Nee, want een substantieel deel van de zorg veroorzaken we zelf en is te voorkomen. Laat ik drie voorbeelden geven.

Allereerst merken we de consequenties van de maatschappelijke ontwikkelingen van afgelopen jaren zoals individualisering en economisering. De verschillen tussen de ‘cans’ en de ‘cannots’ zijn toegenomen. Degenen die de ratrace naar sneller en meer niet kunnen bijhouden komen maatschappelijk steeds meer buitenspel te staan. En veel sociaal maatschappelijke problemen leiden vroeg of laat tot zorgvragen. 

Een tweede voorbeeld betreft de effecten van de marktwerking in de ggz. Vanuit Nemesis onderzoek weten we dat jaarlijks 20% van de bevolking last heeft van een psychische aandoening. Dat is een enorme potentiële zorgvraag. De markt speelt hier handig op in, door voor elk mogelijke psychische aandoening een behandeling aan te bieden. Het huidige bekostigingssysteem lijkt te stimuleren dat er meer behandeling plaatsvindt van lichtere psychiatrische problematiek, dat levert het meeste op.

Een derde voorbeeld is dat voor mensen met een psychische aandoening de nadruk sterk ligt op zorg. Daarmee worden ze ‘fulltime patiënt’. De mogelijkheden om een meer betekenisvol leven te kunnen leiden en zo mogelijk werk te doen, krijgen te weinig aandacht. Datzelfde geldt voor het inzetten van ervaringsdeskundigen om een bijdrage te leveren aan het herstel van anderen. Terwijl we weten dat mensen die maatschappelijk mee kunnen doen, minder zorg nodig hebben.”

Bron: GGznieuws.nl

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *