Eet je depressie weg

Gezonde voeding helpt de aandoening voorkomen en genezen

Gezonde voeding verlaagt het risico op een depressie. Van de groep mannen die jarenlang werden gevolgd door Finse onderzoekers, bleven degenen die veel groenten en fruit aten psychisch gezond. Kan een gezond dieet pillen overbodig maken?

Vergroot ongezond eten de kans op een depressie? Voor zo’n verband zijn zeker aanwijzingen. Tot nu toe kwamen die vooral uit onderzoeken waarbij werd gekeken naar wat mensen aten en of zij wel of geen depressie hadden. Momentopnames dus, waardoor het geconstateerde verband tussen voeding en depressie niet ijzersterk was. In een handvol onderzoeken werden deelnemers gevolgd gedurende enkele jaren, en ook dan werd een verband gevonden tussen voeding en depressie.

Promovendus Anu Ruusunen en haar collega’s van de Universiteit van Oost-Finland pakten het uitgebreider aan. Ze volgden meer dan tweeduizend mannen van middelbare leeftijd gedurende gemiddeld dertien tot twintig jaar. Bij aanvang van het onderzoek had geen van de mannen een depressie. Dit was nog steeds het geval bij de mannen die vooral gezond voedsel aten: zij liepen 34 procent minder risico om een depressie te ontwikkelen dan als zij geen gezond dieet zouden hebben gevolgd. Met een gezond dieet bedoelen de onderzoekers vooral groenten, fruit, bessen, volkorenbrood, gevogelte, vis en magere kaas. Uiteraard zijn er meer gezonde voedingsmiddelen maar de bovenstaande voedingsmiddelen aten de gezonde mensen uit het onderzoek vooral.

Een gezond voedingspatroon helpt niet alleen om depressie te voorkomen maar verhelpt die misschien ook als hij eenmaal toch de kop heeft opgestoken. Bij mensen met een klinische depressie zien de onderzoekers namelijk een vermindering van de depressieve symptomen na een verandering van dieet. De onderzoekers volgden een groep van 69 mensen die hun voedingspatroon aanpasten. Dertig van hen, oftewel circa 21 procent, hadden aanvankelijk ernstige symptomen van depressie. Na drie jaar een gezond dieet te hebben gevolgd, kampten 22 mensen nog met ernstige depressiesymptomen. Dit komt neer op nog geen 16 procent, oftewel een daling van ruim een kwart in vergelijking met de beginsituatie.

Foliumzuur

Er zijn een paar specifieke voedingsstoffen aan te wijzen die een belangrijke rol spelen in de geestesgesteldheid van mensen. Zo is uit meerdere onderzoeken gebleken dat foliumzuur de kans op een depressie verkleint. Dit is een vitamine die gevormd wordt na het eten van bijvoorbeeld groene groenten, volkorenproducten, vlees en zuivel.

Ruusunen: ‘Foliumzuur en vitamine B12 zijn betrokken bij de aanmaak van serotonine, noradrenaline en dopamine in het centrale zenuwstelsel.’ Serotonine beïnvloedt onder andere stemming en zelfvertrouwen, een tekort aan noradrenaline kan leiden tot depressie en dopamine speelt een grote rol bij het ervaren van genot en blijdschap. Extra inname van vitamine B 12 en omega 3-vetzuren in de vorm van voedingssupplementen had overigens geen effect op depressie, dus het lijkt erop dat de bergen vitaminepillen die veel mensen in huis hebben de prullenbak in kunnen.

Het gevaar van suiker

Suiker is een grote boosdoener: wie er veel van consumeert, loopt een groter risico op het ontwikkelen van een depressie. Niet alleen krijgen mensen suiker binnen door dit te roeren door de thee of de koffie, maar ze consumeren het ook dankzij desserts, snacks en het drinken van frisdranken. Niet alleen suiker, maar ook andere voedingsmiddelen vergroten de kans op een depressie. Mensen die veel worsten, croissants, gebakken aardappelen, friet en ander bewerkt voedsel eten hebben 41 procent meer kans op het ontwikkelen van een depressie.

De onderzoekers stellen ook een verband vast tussen koffieconsumptie en een verlaagd risico op depressie. Opmerkelijk, aangezien uit twee eerdere onderzoeken juist bleek dat mensen die geen koffie drinken psychisch gezonder zijn. De discrepantie wordt vermoedelijk veroorzaakt door het feit dat de Finse onderzoekspopulatie alleen uit mannen bestond, terwijl de eerdere koffieonderzoeken alleen maar onder vrouwen werden verricht. De eerdere onderzoeken waren een Australisch en een Amerikaans onderzoek. Al langer is bekend dat mannen en vrouwen fysiek verschillend reageren op externe invloeden. De onderzoekers geven toe dat hun bevindingen lastig te generaliseren zijn naar de gehele bevolking omdat zij alleen mannen hebben gevolgd.

Het onderzoek van Ruusunen en haar collega’s toont een verband aan tussen voeding en depressie, maar zou de conclusie niet kunnen zijn dat depressieve mensen ongezond eten? ‘Het is waarschijnlijk dat mensen met een depressie maaltijden eten die onvoldoende voedzaam zijn, en als gevolg daarvan een tekort hebben aan vitamines en mineralen,’ reageert Ruusunen. ‘We wilden meer informatie over de causaliteit en daarom hebben we mensen gevolgd die gezond waren bij aanvang van ons onderzoek. We stelden hun voedingspatroon vast en volgden hen daarna dertien tot twintig jaar. Het dieet was dus gemeten voordat er mensen depressief werden, en daarom is het onwaarschijnlijk dat er sprake is van een kip-en-eiprobleem en dat dit onze resultaten heeft beïnvloed.’

Psychiaters

Ruusunen vindt dat artsen meer rekening moeten houden met het voedingspatroon van mensen met een depressie. ‘Voeding is niet de enige risicofactor met betrekking tot depressie en waarschijnlijk ook niet de belangrijkste’, zegt de onderzoeker. ‘Niettemin is het belangrijk om te erkennen dat er mensen zijn die baat hebben bij een aanpassing van hun voedingspatroon, bij meer fysieke activiteit, een goede nachtrust en een betere omgang met stress.’ Uit haar onderzoek blijkt namelijk niet alleen dat gezond eten een depressie waarschijnlijk op afstand houdt, maar ook dat mensen die bijvoorbeeld meer bewegen, hun stemming zien verbeteren.

Het gros van de psychiaters laat het onderwerp voeding links liggen in de uitoefening van hun beroep, ook in Nederland. In de richtlijn voor de behandeling van depressie van onder meer de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie en het Nederlands Instituut van Psychologen staat niets over een mogelijke rol die voeding kan spelen bij depressie. ‘Helaas’, oordeelt psychiater Rogier Hoenders.

Hoenders zou graag zien dat in de behandeling van depressie en andere psychische stoornissen veel meer aandacht komt voor verbetering van voeding en andere leefstijlgedragingen, zoals beweging, relaxatie en mindfulness. ‘Er is veel bewijs dat leefstijlverandering effectief is, het is relatief goedkoop, het geeft geen afhankelijkheid van medicatie of therapeut. Bovendien heeft leefstijlverandering vooral positieve bijwerkingen, zoals afvallen, minder hart- en vaatziektes, in plaats van negatieve bijwerkingen, zoals we dat bij medicatie vaak zien. In ons centrum integrale psychiatrie in Groningen passen we daarom leefstijlveranderingen vaak toe bij de behandeling van psychiatrische aandoeningen.’

Bron: GGZnieuws.nl

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *